Samen met vierhonderd vrouwen in wetsuit en oranje badmuts luister ik aandachtig naar de briefing van de speaker. Het is twintig minuten voor de start van mijn serie (vrouwen, sprint) tijdens de Virgin Active London Triathlon. Ik sta in het Excel Exhibition Centre, een beursgebouw in Oost-Londen.
Mijn fiets- en loopspullen heb ik klaargelegd in het grootste parc fermé dat ik tot nu toe heb gezien in mijn triathloncarrière. De rijen zijn gemarkeerd van A tot en met Z. Het heeft iets weg van een fabriek waar aan de lopende band triatleten worden afgeleverd. Om er zeker van te zijn dat ik de juiste rij kies na het zwemmen (750m), heb ik ‘QR’ op mijn hand gekrabbeld met een pen. Een knalroze tas knoop ik naast mijn fiets om de balk ter herkenning.
Beginners
Als de speaker vraagt voor wie dit de eerste triathlonwedstrijd is, steekt zeker de helft van de groep een arm in de lucht. ‘Mooi’, denk ik. Ik schaaf mijn plan om achteraan te starten ter plekke bij. Met zoveel beginners heb ik vooraan waarschijnlijk vrij spel, hoewel het lastig is in te schatten wie sterke zwemmers zijn en wie niet. Vanwege veiligheidsoverwegingen, starten we niet met 400 dames tegelijk.

Terwijl de eerste groep naar beneden gaat, maak ik kennis met triatleet Rob Kwaaitaal. Hij is in Londen voor werk en heeft mij via Twitter al laten weten dat hij komt kijken, omdat hij erover denkt volgend jaar mee te doen. Niet alleen is hij een succesvolle triatleet, hij ontpopt zich in Londen als een heel gezellige supporter. Samen met mijn zus trekt hij langs het parcours om mij aan te moedigen. Tijdens de race spot ik hen op verschillende plekken.
Rode loper
Het moment is daar. Ik neem afscheid van mijn zus en Rob en loop de trap af. Als ik buiten over de rode loper naar de start wandel met de andere dames, worden we toegejuicht door een uitzinnige menigte. Ik voel mij net een filmster. Wat is dit gaaf zeg! Mijn one minute of fame in Londen.
Als ik het water in spring, begrijp ik waarom een wetsuit verplicht is. Brrr, wat is het koud. Ik check nog één keer of mijn zwembril goed zit en dobber op mijn buik, klaar voor een waterstart. De toeter klinkt. Ik heb weinig last van armen en benen van andere dames. Al vrij snel krijg ik mijn slag te pakken en probeer ik mij te focussen op de juiste techniek. Ik merk dat ik niet helemaal topfit ben. Het is hard werken. Zes weken zonder optimale triathlontraining is geen goede basis voor een wedstrijd.
Plastic zak
Direct als ik uit het water kom, word ik gesommeerd mijn wetsuit uit te trekken en deze in een plastic zak te stoppen. Huh? Stond dat in het programmaboekje? Het zal wel. Ik doe wat mij wordt gevraagd en ren met de zware zak in mijn hand de evenementenhal binnen, op zoek naar mijn fiets. Dankzij mijn goede voorbereiding heb ik deze snel gevonden. Schoenen aan (zonder sokken!), zonnebril en helm op en gaan!
Ik hoop dat mijn tweedehandsje mij niet in de steek laat. Een fiets uit elkaar halen om deze in een koffer te vervoeren is simpel. Alles weer perfect afstellen, is voor mij een uitdaging. Sleutelen aan een fiets is nu eenmaal niet mijn grootste hobby. Ik zet Youtube in als hulplijn. En dat werkt, want mijn aluminium vriendinnetje rijdt en schakelt als een zonnetje.
Slalom
Links rijden, rechts inhalen. Ik heb het zo in mijn hersenen geprent en toch blijkt de uitvoering niet gemakkelijk. Langzamere fietsers zijn overal. Ik besluit de regels aan mijn laars te lappen en begin slalommend in te halen. Een enkele keer moet ik schreeuwen om voorbij te kunnen. Mijn racefiets lijkt bijna een unicum in deze race. Aanzienlijk veel dames en heren rijden op een toerfiets of mountainbike. Sommige deelnemers lijken bezig met een sightseeing tour in plaats van een wedstrijd. Ik rijd een dame voorbij met een tas op haar rug.
Op de snelweg die speciaal voor de triathlon is afgesloten, is het asfalt gemarkeerd met ribbels om automobilisten te waarschuwen voor een gevaarlijk kruispunt. Niet prettig hier met je fiets overheen te rijden. Mijn stuur trilt bijna uit mijn handen en ik hoor mijn ketting wild heen en weer bewegen. Tijdens de tweede ronde weet ik ze te ontwijken.
Frustratie
Als ik na het fietsonderdeel (20km) weer in de hal kom, maak ik mij op voor het hardlopen (5km). Nu komt het erop aan. Gaat mijn knie het houden? Dat is de vraag. Het is lang geleden dat ik optimaal heb gelopen. En dat merk ik. De snelheid is eruit, de kracht is weg en het is zoeken naar de juiste techniek. Ik doe ruim 33 minuten over 5 km. Heel even voel ik frustratie, maar dan besef ik dat ik misschien niet hard ren, maar wel pijnvrij. En daar teken ik voor!
Ik voel mij blij als ik onder de finishboog door ga. Ik wil juichen, lachen en huilen tegelijk. Hoe cool is dit? Mijn eerste triathlonwedstrijd in het buitenland (finishtijd: 1:39:56).
Dat smaakt naar meer!
(foto’s: Rob Kwaaitaal)





Pingback: Mosselloop | Triathlon
Pingback: Terugkijken | Triathlon
Pingback: Zwanger en triathlon | Triathlon